“Ik leef dag voor dag, stap voor stap”

0

Caroline (53), geboren en getogen in Alkmaar, heeft een aantal bewogen jaren achter de rug. Terugkijkend daarop realiseert ze zich dat ze sterker is geworden. Veel sterker.

“Mijn eerste liefde was Mario, een gastarbeider van Italiaanse komaf. Voor mij als Hollands meisje een exotisch avontuur. Niet veel later trouwde ik met hem, wellicht ook een manier om het ouderlijk huis te ontvluchten. Hij werd de vader van mijn kinderen, maar diep vanbinnen voelde ik dat dit geen eeuwige liefde zou zijn. Na een geëscaleerde vakantie op Sardinië besloot ik van hem te scheiden.”

18 mei 1992

“Een aantal jaren later ontmoette ik mijn tweede liefde. Ik zie hem nog zitten aan de bar, met zijn lange haren en excentrieke uitstraling. Vanaf het eerste moment was ik smoorverliefd. We maakten reisjes, genoten van elkaar en besloten na een ‘ongelukje’ zonder condoom verder te vrijen. Het viel mij op dat hij er slechter uit begon te zien. Mager en bleekjes. Ikzelf trouwens ook. Een zware griep ging maar niet over en een continue pijn verspreidde zich door mijn hoofd.

Ik wilde me laten testen, op alles. Ook op hiv. Mijn dokter vroeg het me nog: ‘Waarom? Ik durf mijn handen ervoor in het vuur te steken dat je niets hebt’. Mijn onderbuikgevoel zei iets anders. En dit bleek te kloppen. Op 18 mei 1992, de datum weet ik nog precies, belde mijn dokter op. Of hij even naar mijn huis kon komen. De uitslag was binnen: seropositief. Het eerste wat in mij opkwam was: mijn kinderen, zij zullen hun mama niet lang meer kennen.”

Reacties

“Mijn toenmalige vriend bleek ook seropositief te zijn. Waar het precies vandaan kwam, was voor ons niet belangrijk. We maakten elkaar nooit verwijten, dat voegde niets toe. Ik besloot het mijn ouders te vertellen. De eerste reactie van mijn moeder was: ‘Met hoeveel mannen ben je dan wel niet naar bed geweest?’. Mijn vader reageerde: ‘Regel alles maar bij de notaris zodat wij de voogdij krijgen over de kinderen’. In de jaren ‘90 was een positieve status immers een doodvonnis.

Mijn naaste vrienden reageerden hartverwarmend. Ze hielden me eerst een half uur vast, daarna kwamen pas de emoties. Iedereen fluisterde me in mijn oor: ‘Lieve Caroline, jij gaat er niet aan dood’. Hele bemoedigende reacties. Ik wilde er zo graag in geloven, maar het lukte me niet. Voor mijn kinderen vond ik het ’t ergste. Op een gegeven moment vroeg mijn dochter aan mij, terwijl ze met haar Barbie in een trouwjurk speelde: ‘Mama, ga je mee met mij een trouwjurk kopen als ik later groot ben?’. Tranen prikten in mijn ogen.

Onze relatie hield geen stand. Hij ging vreemd. Het voelde als verraad: we zouden dit toch samen uitzitten? Ik moest het nu alleen gaan doen, maar ik wist helemaal niet of ik dat wel kon.”

Kantelpunt

“In 1996 kwam medicatie beschikbaar. Een waar kantelpunt. Er was weer een toekomst voor mij. Het werd alleen maar beter toen ik niet veel later een leuke man leerde kennen, Adri. Hij accepteerde mij met mijn hiv. Hij stond er bovendien op dat ik het mijn kinderen vertelde. Rillend zat ik op de bank. ‘Ga je dan dood, mama?’. ‘Nee’, antwoordde ik, ‘niet zolang ik trouw mijn pillen slik.’ Na al die vervelende ervaringen in de liefde, leek het voor het eerst te kloppen in mijn leven. Ik speelde de hoofdrol, met Adri als prins op het witte paard. We besloten te trouwen. De datum was belangrijk. Op 18 mei 1992 hoorde ik dat ik seropositief was. Ik wilde deze datum omdraaien, er een feestdag van maken. Dus vond ons huwelijk ook op 18 mei, in 2006, plaats. Een dag waar ik met warme herinneringen aan terugdenk.”

Ongeluk

“De rooskleurige randjes vervaagden toen ik op een bedrijfsuitje in Egypte een whiplash opliep. Samen met mijn hiv resulteerde dit erin dat ik dat ik volledig werd afgekeurd. Ik raakte in een depressie, evenals Adri die op hetzelfde moment met een burn-out thuis zat. Een ontzettend eenzame tijd.

Als oppepper besloten we de bungalow te kopen die tegenover ons huis te koop stond. Adri wilde zo graag in een bungalow wonen, met mij. Het was een prachtplek, met een sprookjesachtige tuin aan het water. Ons restte nog één schone taak: de bungalow moest grondig verbouwd worden. ‘Het is even een klus, meissie, maar hier doen we het voor’. Dat zei Adri vaak. Tot die ene bewuste ochtend in juni.

Adri ging altijd met het openbaar vervoer naar zijn werk, maar besloot deze keer de auto te pakken. Hij maakte me die ochtend wakker met een kus: ‘Tot vanavond Car, dan ga ik de vensterbanken voor je maken’. Om zes uur ‘s avonds ging de deurbel. Twee agenten stonden voor de deur. ‘Rijdt uw man in een zwarte auto? Wilt u met ons meekomen? Uw man heeft een ernstig ongeluk gehad’. Adri was op de provinciale weg frontaal tegen een vrachtwagen gebotst en lag in coma. Zijn hersenstam was volledig beschadigd en zijn kans op ontwaken was nihil.”

Afscheid

“Ik was bang, boos en verdrietig tegelijk. Iedere ochtend werd ik wakker in een bouwval en ik ging drie keer per dag naar het ziekenhuis. Eén vraag hield mij onophoudelijk bezig: moest ik hem in coma houden of hem laten sterven? Ik wilde recht doen aan zijn manier van leven. Hij zei altijd: ‘Liefde is loslaten’. Dit is dan ook de keuze die ik, samen met de kinderen, gemaakt heb: Adri loslaten.

Acht weken later, op een woensdagavond, gebeurde het. Heel waardevol en liefdevol. Mijn dochter vroeg me: ‘Mama, wat mis je het meest als Adri er niet meer is?’. ‘Samen douchen’, antwoordde ik, ‘hij waste altijd mijn rug’. Nu ging ik voor de laatste keer de zijne wassen.”

Happy

Foto Caroline Bijl

“Ik denk nog vaak aan Adri. Iedere dag eigenlijk. Het rouwproces doet mij sterk denken aan het rouwen in 1992 toen ik hoorde dat ik seropositief bleek te zijn. Dit heeft mij zoveel sterker gemaakt. Door mijn hiv lijkt het alsof ik makkelijker kan omgaan met het verlies van Adri.

Ook spiritualiteit speelt hierbij een rol. Zelf ben ik niet spiritueel, maar veel gebeurtenissen in het afgelopen jaar durf ik geen toeval te noemen. Hij is aanwezig bij alles wat ik doe. Een concreet voorbeeld was afgelopen zomer, precies een jaar na de sterfdag van Adri. Samen met familie dronk ik een biertje in de bar waar ik Adri heb ontmoet. Ik dacht, als hij echt de regie in handen heeft, komt om tien voor elf ‘s avonds (tijd van overlijden) Happy van Pharrell op de radio, het liedje waar Adri altijd op danste. De klok had nog geen tien voor elf geslagen toen de begintonen van Happy werden gespeeld. Dit is toch veel meer dan toeval?

Op het moment gaat het goed met me. Om eerlijk te zijn heb ik nog nooit zo’n rijk leven gehad als nu. Het leven is voor mij waardevol. Ik leef dag voor dag en stap voor stap. Wellicht dat ik ooit nog iemand ontmoet, ik zie wel hoe het loopt. Carpe fucking diem, dat is wat ik iedereen op het hart wil drukken.”

Dit artikel verscheen eerder in hello gorgeous #18.

Tekst Lisan Jansen Lorkeers Fotografie Caroline Bijl

Leave A Reply

hello gorgeous,
schrijf je nu in!

En ontvangt 1-3 keer per maand mijn nieuwsbrief met nieuws en leuke acties.

Hartelijk dank!